e-gezondheid in Brussel




Minister Guy Vanhengel gaf de kick-off voor de Week van de e-gezondheid, die zich richt naar patiënten zowel als naar de eerstelijns zorg.  

"E-gezondheid is de toekomst; het maakt de behandeling sneller, juister, holistischer en vooral: het redt levens wanneer uw gegevens door zowel uzelf als ál uw medische hulpverleners gedeeld kunnen worden," zegt Guy Vanhengel, "daarom is het ideaal dat alle Brusselse artsen mee zijn in dit verhaal. Voor de patiënten is mijn boodschap de volgende: Ik nodig alle ketten uit zich in te schrijven in het Brussels Gezondheidsnetwerk, want Brussel geeft om uw gezondheid".  www.brusselsgezondheidsnetwerk.be

Voortaan hebben de gezondheidsprofessionals de mogelijkheid snel toegang te krijgen tot alle nuttige informatie voor een optimale zorg. Een waarachtig digitaal gezondheidsboekje, dat altijd toegankelijk en beveiligd is. Met zijn instemming wordt de patiënt binnenkort verzocht een actieve partner te worden in zijn gezondheid.  Met name onze beleidsmaatregelen voor de thuiszorg van kwetsbare en afhankelijke personen zijn gefaciliteerd. Het delen van de medische gegevens vormt dus een aanzienlijke uitbreiding van de kwaliteit van de gezondheidszorg in het Brussels Gewest.

We hebben nog veel werk in de toekomst op het vlak van e-gezondheid. Het schrikt ons niet af, omdat het heden reeds veelbelovend is, e we reeds verder staan dan initieeel verwacht. Het einddoel blijft natuurlijk dat de PATIENT nog beter geholpen wordt dankzij eenvoudige vooruitgang in de wereld van de informatica.

E-health is enerzijds een technische applicatie, maar ook een filosofie die past in het politieke plaatje van ons Brussels  beleidsplan, met public-private partnerships, waarin  zowel wetenschap als bedrijfsleven mee zijn,  waardoor ziekenhuizen gigantische sprongen voorwaarts maken. Velen zijn al méé in dit verhaal, de anderen willen wij ook over de streep halen. Want  alles staat of valt met de goede medewerking van àlle Brusselse huisartsen, en met het overwinnen van de angst van vele gewone patiënten voor de privacy van hun gegevens. 



Een geïnformeerde patiënt en een ziekenhuis dat alles weet, zij zijn beiden geboren uit het beleidsplan dat minister Gosuin en ikzelf aan het begin van deze legislatuur hebben opgesteld, en dat we nu consequent uitvoeren, stap voor stap, legt Vanhengel uit.

Volg even mee.

Zes prioritaire werven hebben wij vastgelegd voor de uitrol van e-gezondheid in Brussel, allen te realiseren in een bestek van de komende drie jaar, dus van NU tot 2019.  En ja, ik kan u verklappen dat we zeer goed op schema zitten, en eigenlijk al verder staan dan we hadden durven hopen !
Toch lanceren we nu een e-gezondheidsweek. Niet een e-dag, een wéék. Omdat we op meerdere dagen meerdere boodschappen kunnen brengen, meerdere doelpublieken kunnen aanspreken. De professionals en de gewone patiënt. Het economisch, het innovatief, het internet-technisch en het medisch aspect. Met radio-jingles, tv spotjes, de uitreiking van symbolische prijzen, een colloquium etc.

Goed, onze werven uit het beleidsplan:

1) We automatiseren de ziekenhuizen en hun gegevensdeling

Wij willen ziekenhuizen en de medische hulpverleners die er werken ertoe aanzetten om actieve partners inzake gegevensdeling te zijn, zowel op het vlak van de verstrekking als van de raadpleging van de gegevens.  Zo’n aanmoediging is bijvoorbeeld hun inspanningen op dat vlak in de schijnwerper brengen – daarom reiken we op 27 april voor de eerste keer de "verbonden ziekenhuis"-awards uit. Dat is was de doelstelling voor 2017, voor nù.
Voor morgen (2018) zal de actieve deelname aan de gegevensdeling via het BGN geïntegreerd worden in de normatieve voorschriften van het ziekenhuis. De eisen inzake technische veiligheid en opleiding van het personeel zullen ook geleidelijk worden geïntensiveerd. De spoeddiensten zullen de eerste betrokken ziekenhuissector zijn. Natuurlijk gebeurt dat allemaal in overleg met de stakeholders!  
Voor overmorgen (2019) moeten die normatieve voorschriften dan in werking treden.

2) We zetten de huisartsenwachtdienst op een netwerk 

Gegevens kunnen delen en raadplegen tijdens de huisartsen-wachtdienst is misschien wel één van de meest ‘evident’ nuttige aspecten van e-gezondheid. De hulpverlener kan zo info krijgen over de patiënt die verzorgd wordt bij de wachtdienst en informatie terug te koppelen naar de huisarts van de patiënt. Daar wordt iedereen beter van.  Als de patiënt geen behandelende arts heeft, zal hij verzocht worden een therapeutische relatie aan te gaan met een huisarts naar keuze.
Voor nu (2017) identificeren we de specifieke behoeften en bekijken de technische problemen, we bekijken hoe we een opleiding kunnen voorzien rond het Brussels Gezondheids Netwerk, specifiek voor de huisartsenwachtdienst.
Voor morgen (2018) moet het systeem INGEVOERD zijn voor een systematisch beroep op het netwerk en de inputten van een verslag tijdens de uitoefening van de wachtdienst.
Voor overmorgen (2019) moeten wij dan een  1e evaluatie kunnen maken van het beroep op het Brussels Gezondheids Netwerk tijdens de uitoefening van de huisartsenwachtdienst.

3) We begeleiden de eerstelijns-zorgverleners

Al sinds 2015 heeft de GGC een sensibiliserings-, begeleidings- en opleidingsprogramma op punt gezet voor medische hulpverleners (met prioriteit huisartsen). Het programma wordt geïmplementeerd door Abrumet, in samenwerking met de eerstelijnsactoren op het vlak van zorg.
De financiële steun voor eerstelijnsberoepen, en in het bijzonder huisartsen, is voortaan gekoppeld aan de deelname van deze individuele actoren aan de deling van gezondheidsgegevens.
Voor nu (2017) gaan wij daar netjes mee verder: een promotie-, begeleidings-, en opleidingsprogramma m.b.t. e-gezondheid.
Voor morgen (2018) gebeurt de geleidelijke invoering van normatieve verplichtingen voor van de eerstelijns organisatie- en begeleidingsstructuren.
Voor overmorgen (2019) lanceren we een projectoproep voor de creatie van een computertoepassing waarmee de medische hulpverleners beveiligd kunnen converseren over de gevallen die ze behandelen.

4) De patiënten worden gesensibiliseerd en geïnformeerd 

Vele patiënten zijn makkelijk over de streep te halen. Hoeveel mensen passen bewust of onbewust al niet ‘technologische snufjes’ toe om hun éigen gezondheid te monitoren (een polsbandje dat ook stappenteller, hartslagmeter is , enzovoort enzovoort) – zij zullen snel de early adopters worden van onze ‘georganiseerde’ e-gezondheid.
Doch we weten dat er bepaalde kloven in de maatschappij zijn, ook op het vlak van toegang tot de zorg.  En met e-gezondheid willen we niemand achterlaten. Ook niet, zéker niet, de groepen die vandaag nog als digitale analfabeten te boek staan.
In het luik e-gezondheid van het Brussels Gezondheidsplan moet er bijzondere aandacht aan worden besteed dat de veranderingen die voortvloeien uit de elektronische gegevensdeling de ongelijkheden niet verergeren.  Er moeten partnerschappen worden ontwikkeld met de patiëntenorganisaties en ziekenfondsen om programma's voor sensibilisering en informatieverstrekking over de rechten van de patiënten op de toegang tot zorg te organiseren, met name in het kader van de e-gezondheid.
Voor nu (2017) starten wij die gesprekken op over partnerschappen.
Voor morgen (2018) implementeren we de eerste programma's voor sensibilisering en informatieverstrekking voor patiënten.
Overmorgen (in 2019) moeten wij al kunnen evalueren en evt. bijsturen naargelang de behoeften van het publiek inzake informatieverstrekking.

5) Geestelijke gezondheid is niet uitgesloten van onze e-gezondheid

Dat is onze 5e werf uit het beleidsplan. De prevalentie van psychische aandoeningen is een andere uitdaging inzake volksgezondheid in Brussel, net als in alle grote steden. De sector van de geestelijke gezondheidszorg, die om ethische redenen lang gekant was tegen de e-gezondheid, ziet in de tools voor gegevensdeling geleidelijk aan een opportuniteit om de relatie met hun patiënten te versterken en "het contact te behouden" met de patiënten in de stad. Gegevensdeling is een troef in de organisatie van de zogenaamde "107"-netwerken of gelijkwaardige netwerken.
Dit is een werf voor morgen en overmorgen. In 2018-2019 zullen we de organisatie van de zorgnetwerken voor geestelijke gezondheid ondersteunen. In 2018-2019 zullen we ook de proefprojecten verderzetten over het dag- chart van de psychiatrische patiënt, om in 2019 een projectoproep te kunnen lanceren over de tele-opvolging inzake medicatie van de patiënt.

6) Chronische zieken en zorg-afhankelijken krijgen een bijzondere plaats in e-gezondheid

Het héél belangrijk aspect. Elektronische gegevensdeling en praktijken zoals tele-geneeskunde of tele-opvolging zullen helpen om de technische en sociale vernieuwingen aan de oppervlakte te doen komen bij de opname van patiënten met chronische ziekten en zorg-afhankelijke personen. Er lopen proefprojecten rond chronische ziekten en thuiszorg, vanuit of met de hulp van het Brussels Gezondheids Netwerk. Het is zaak die te helpen tot stand komen en ze vervolgens te evalueren met het oog op een ruime verspreiding van de goede praktijken binnen de sector. De Brusselse eerstelijnsactoren zullen gestimuleerd worden om een tele-opvolgingsprogramma voor chronische zieken op punt te stellen.
Tot slot moet er een gemeenschappelijke werf zijn met de federale overheid om de structurele financieringsmodellen voor deze nieuwe opnamemodellen te construeren.
Voor morgen (2018)  begeleiden we de proefprojecten inzake chronische ziekten en thuiszorg door de terbeschikkingstelling van tools voor het delen van medische gegevens.
Voor overmorgen (2019) willen wij een tele-opvolgingsprogramma voor patiënten thuis op punt stellen, in samenwerking met de eerstelijnsactoren en  op basis van een projectoproep.

www.brusselsgezondheidsnetwerk.be